De borstverkleining
De borstverkleining
Op de operatiekamer gaat u op uw rug op de operatietafel liggen en legt u uw armen op armsteunen. Op de operatietafel wordt u in slaap gebracht. U krijgt dan een dun slangetje in uw arm (een infuus) waardoor het verdovingsmiddel wordt toegediend. Het verwijderen van dit infuus gebeurt direct na de borstverkleining.
De anesthesist en zijn medewerkers houden tijdens de ingreep naast de polsslag onder andere hartritme en ademhaling in de gaten. De ademhaling en de bloedsomloop kunnen zonodig worden bijgestuurd en er worden medicijnen via het infuus toegediend om de narcose te onderhouden.
De plastisch chirurg maakt een snee rondom de bovenkant van de tepelhof, daarna van de tepel tot aan de borstplooi en dan horizontaal in de borstplooi. Na het verwijderen van overtollige huid en klierweefsel en het in positie brengen van tepel hecht hij de wond met oplosbare hechtingen. De wond wordt vervolgens bedekt met gaasjes en een steunverband.
Tijdens de borstverkleining wordt soms in beide borsten een dun slangetje aangebracht dat ervoor zorgt dat eventueel overtollig vocht het lichaam kan verlaten. Voordat u de kliniek verlaat worden deze na inspectie door de verpleegkundige of de plastisch chirurg verwijderd. Na het hechten krijgt u meteen een sportbeha aangemeten of een steunverband aangelegd. Het steunverband wordt dan op de eerste controleafspraak verwijderd en vervangen door een sportbeha.
Belangrijk is het dat u de wondjes rust gunt. Probeert u daarom niet aan het verband, pleisters en gaasjes te zitten. Zo verkleint u de kans op nabloedingen en een minder goede wondgenezing.
Duur ingreep
Een borstverkleining neemt gemiddeld twee uur in beslag. Dit kan variƫren afhankelijk van de omvang van de ingreep. Een borstverkleining in combinatie met een borstlift duurt langer.

